Morvan rit 15 tot en met 22 oktober 2006


De rit begon zondag's vanuit Kröv aan de Moezel. Vanaf onze verblijfplaats de Kröverberg (400m) afgezakt, per motor deze keer, en tot aan Traben-Trarbach een stukje Moezel meegepikt,. Daarna koers zuid-oost ingezet, direct voor de kleinere wegen gekozen om vervolgens weer zo'n 550 meter te klimmen. Het weer is uitstekend en de uitzichten zijn navenant prachtig. Tegen middagpauze en 100km verder zitten we al kort boven de 'beruchte' vliegbasis Ramstein, de laatste tijd nogal in het nieuws vanwege de gevangenen transporten van Guatanamo-Cuba naar de 'folter'landen in Europa.

Iets over vieren passeren we op 15 km ten zuiden van Pirmasens de duits-franse grens en bereiken daarmee het franse deel van de Phals. Na Sturzelbronn volgt een eerste stukje 'route forestiére', vanaf onze kant is het twijfelachtig of je erin mag. We doen het dus zeker wel en het blijkt het risico waard.

Aan het einde van de dag vinden we ons eerste onderkomen voor de nacht, en het blijkt werkelijk de eerste de beste te worden. Omdat we de tent thuisgelaten hebben vind ik het wat spannend waar we telkens zullen overnachten, deze 1e nacht wordt wel een bijzondere luxe. Gelegen aan een doodlopend weggetje ligt daar de Auberge d'Imsthal, er staan behalve 2 motoren ook al een 10-tal vierwielers maar er blijkt nog plaats. Na alle 'slechte' ervaringen in Frankrijk in het recente verleden op het gebied van hotels en eten is de ervaring hier totaal omgekeerd. Hier rij ik voor een lang weekend nog eens heen om Marina ook te overtuigen dat het in F dus toch wel bestaat; een plek waar je je als gast voelt en waar men daarbij uitstekende kwaliteit biedt.

Het wordt dus 's-anderdaags een prima maandagmorgen, met een goed ontbijt en een waterig zonnetje dat al probeert door de nevel heen te breken.
Het eerste deel van de route brengt ons naar de Noord-Vogezen. De meeste plaatsnamen klinken hier duits en de omgeving is bekend mooi. Het zicht is goed, veel zon, af en toe wat mistige gedeelten. We volgen de hooggelegen 'route des Crėtes' en genieten deze keer van het wijdse uitzicht. Bij eerdere pogingen waren we er wel eens bijna letterlijk vanaf gewaaid, met daarbij geen zicht door een regengordijn. Bij de 'Col de la Schlucht' wordt het tijd om te tanken en dat kost ons een flinke omweg, iets wat later vrijwel steeds nodig bleek. Langs de kleinere wegen vind je in F geen tankstations meer en 1 uur tijdverlies om heen en terug naar een benzinepomp te gaan is niet zo leuk tijdens de toch al korte dagen in de herfst.

Via de troosteloze ski-omgeving van La Bresse verlaten we de hoge Vogezen, daarbij afdalend van ruim 1200 naar 500 meter. Bij Le Thillot zoeken we naar een hotel waarbij de GPS opnieuw z'n hulp aanbiedt. Het 2e adres bevalt ons wel, maar we twijfelen. We staan aan de poort van een oprijlaan naar een prachtig landhuis, le Chateau des Tanneurs genaamd. Toch maar naar binnen gereden en de klassiek-prachtige dame laat me een kamer zien. Dat bevalt wel en we nemen er onze intrek, gelijk het diner en ontbijt geboekt hebbende.

Het hotel wordt beheerd door een gepensioneerd stel die het 10 jaren eerder kochten van de voormalige eigenaar, een lederfabrikant. Ze verhuren er nu 7 kamers die zogezegd voornamelijk door handelsreizigers benut worden. Vanavond zijn we echter de enige gasten. Het diner is zeer acceptabel en wordt geserveerd in de huiskamer naast de bibliotheek, de laatste doet ook dienst als 'bar' voor een aperitief. De kasteelheer kookt zelf en z'n vrouw serveert het eten. Ook hier weer een bovengemiddelde kwaliteit en gastvrijheid, althans naar mijn ervaringen gemeten.

We vertrekken dan ook met de vraag 'hoe moet dit verder' ? Dit kan nooit zo goed blijven is mijn voorgevoel. Vandaag rijden we door landschappelijk wat minder opzienbarend gebied op weg naar ons 280 km verder gelegen doel. Het weer is opnieuw prima en de stemming daarbij passend. Als we dan tegen 4-uur bij het adres aankomen dat we uit een nl-krantenartikel haalden zijn we wat teleurgesteld in de aanblik van ons voorgenomen onderkomen voor de komende 2 of 3 nachten. Het ligt weliswaar prachtig aan het riviertje 'de Cure', maar op een splitsing van wat grotere wegen. Ook de voorzijde van het gebouw kon wat aantrekkelijker zijn.
We besluiten toch maar eens binnen te gaan kijken. De aanwezige dame vertelt me dat er geen kamers zijn met 2 aparte bedden, bovendien is er maar 1 kamer klaar. Na enig aandringen kan ze wel een 2e kamer klaarmaken. Ze is niet onaardig maar wat laks. We gaan maar eens zitten en bestellen iets te drinken. De 'capucinno' doet Leon besluiten dat hier niet nogmaals te bestellen maar mijn Orangina is goed gekoeld. Even later komt er een 'quad' aangescheurd en een vlotte meid begroet ons enthousiast. Intussen is de 2e kamer klaargemaakt, en nog wel op ons verzoek aan de waterkant. We beginnen te aclimatiseren en besluiten tenminste voor 1 nacht de beide kamers te nemen. Deze zijn simpel maar schoon, hebben een werkende douche, op de matrassen na nog niet zo slecht.
We blijven eten, er zijn nog 2 nederlandse stellen te gast en het eten blijkt boven verwachting goed. De jongeman die er kookt is zo slecht nog niet. De 'quad'bestuurster blijkt een gezellige gastvrouw te zijn, maakt graag een praatje en kwettert daarbij als een vrolijke parkiet, een genoegen om naar te luisteren.
's Nachts vallen de matrassen inderdaad tegen, maar er is vrijwel geen verkeer en het ontbijt is goed. We boeken voor een 2e nacht en maken woensdags een tocht door een deel van de Morvan.

De gehele tocht kenmerkte zich al door de afwezigheid van verkeer, de Morvan doet er nog een schepje 'vanaf'. We komen vrijwel niemand tegen. Er zitten veel (roof)vogels. Wel is het oppassen met de vele wegen waarop los grint ligt na lokale reparaties, of waar het wegdek duidelijk voor agrarische doeleinden werd gebruikt.


Het dorpje Vezelay lijkt dan plotseling een drukke stad. Het is echter niet meer dan een 3-tal paralelstraten bergopwaarts waarvan de middelste nogal toeristisch aandoet. Klanten zijn er echter nauwelijks, op een schoolreisjes-bus met jongelui na. De handel in snuisterijen ligt dan ook vrijwel plat en de uitbater van het restaurant waar we iets wilden gaan eten nam het besluit dat er toch niets te verdienen viel en sloot de deur.
De concurrent aan de overkant bevalt me niet en we rijden verder. Wat een geluk achteraf ! In het piepkleine Asničres sous Bois gaan we een restaurant binnen, het blijkt 'bestierd' te worden door 2 dames (vlg mij van noord-afr afkomst). We treffen het heel goed, bijzonder schoon en dat zeker niet alleen voor franse begrippen. Op het toilet hangt zelfs de vermaning goed je handen te wassen, nog nooit eerder gezien. In plaats van een menukaart komt gewoon een lekker voorgerecht op tafel, een karaf wijn laten we uiteraard onaangeraakt. We zijn benieuwd of we het hoofdgerecht kunnen kiezen want ik zie verschillende varianten daarvan uit de keuken komen. Maar nee, ook dat en het dessert worden ons voorgeschoteld. Alles smaakt voortreffelijk maar we blijven het verrassend vinden, ook al had ik dit wel vaker meegemaakt maar dan werd er buiten al aangegeven wat de pot schafte.

Op een gegeven moment komt er een klein meisje binnen en kijkt verbaasd naar de tafel naast ons waar onze helmen en andere zaken liggen. Ze mompelt iets tegen 'maman', die maakt echter een hoekje op tafel vrij en zet een bord eten voor haar dochtertje neer. Ons aanbod de tafel te ruimen was niet nodig.
Gaandeweg en na haar eten weggewerkt te hebben begint ze tegens ons te praten en probeert ons iets te vertellen, helaas begreep ik er niet meer van dan dat ze van papier een 'flute' (stokbrood) knipte en dat aan stukjes sneed. Ik had nog een onaangebroken doosje suikervrije snoepjes bij me waar ze, na haar moeder's toestemming, heel blij mee was.


Donderdags besluiten we om de terugweg maar te beginnen. We hebben dan alle tijd en houden zo onze reservedag in stand.
Over weer zeer stille wegen zetten we een noord-oostelijke koers in richting Montbard en Chatillon-sur-Seine, om vervolgens onder Saint-Dizier op zoek te gaan naar een overnachting. Het (deels kunstmatige?) meer Lac du Der Chantecoq lijkt ons een plek waar wel wat hotels zullen zitten. Dat is ook zo maar het plaatsje Giffaumont bevalt niet en we rijden terug naar Montier-en-Der waar Leon's motor kort tevoren de 50000km grens passeerde. Dat stadje is wat levendiger en in het Auberge-des-Puisie vinden we een kamer met 3 bedden, wie weet waar we nog tegen aan lopen.
De motoren kunnen er achter het huis onderdak, wat willen we nog meer ?

Ja, iets eten. Eerst verkennen we echter het stadje wat en drinken iets in een gelegenheid met wel 2 TV toestellen, het ene scherm blijkt continue loterijtrekkingen te laten zien. Het andere de bekende ingeblikte beelden. Behalve een charmant uitziende verkoopster met een wel heel dikke catalogus op tafel valt er echter weinig te beleven. Naarmate de sluitingstijd van de winkels verstrijkt geraakt het straatbeeld alsmaar stiller, iets wat me de laatste jaren overal steeds meer opvalt. Probeer dan nog maar eens iemand te vinden om de weg naar een goed restaurant te vragen, geen wonder dat de GPS-jes zo populair zijn geworden.

En alweer de genoemde machine geraadpleegd om vervolgens koers te zetten naar een restaurant met een italiaans klinkende naam. We worden een uitvalsweg opgedirigeerd en twijfelen sterk aan de alwetendheid van mevrouw Garmin. Echter na een paar honderd meter lopen zien we in de verte een rood schijnsel wat naderbijkomend steeds meer op de naam Le Lorenzo gaat lijken. Maar ook dichterbijkomend zien we niet meer dan deze naam in rode neonletters. Nog even denk ik aan verleidelijke dames in de overigens geheel donkere woning maar dan kunnen we de oprit inkijken en zien daar een prettig verlicht restaurant liggen. Een tegenvaller of meevaller, hangt er maar vanaf waar je de meeste trek in hebt.

Ook dit restaurant blijkt weer een heel goede plek te zijn. Het 12-euro 4-gangen menu is zonder meer voortreffelijk (waar krijg je dit nog in NL?), de bediening in de vorm van een zeer prettige jongedame doet me net zoveel plezier als de prima prestaties van de kok.

Vrijdags weer verder noordwaarts en ons plan is een stadje in Belgie te vinden voor onze laatste overnachting en een afscheidsavondje.
Na een bezoek aan de Verdun 1914-18 fronten belanden we in Verdun stad in de late namiddag, vinden er een goed hotel met ondergrondse prive parkeerplaats voor de motoren. Er is weliswaar zojuist een dubbeldekker-lading zweedse jongelui afgeleverd maar daar blijken we toch weinig last van te hebben.
Na het douchen de stad ingewandeld, de winkels zijn nog open en het is er vrij druk. Na enige pogingen binnendoor de ingang van de Citadel te vinden ruilen we deze poging in voor een tafeltje in een thaise snackbar. De bedoeling was een klein hapje vooraf maar het werd toch iets meer dan dat. Dan sta je om 19:00 uur weer buiten, te vroeg voor ons 'avondje-uit', daarom besluiten we terug te gaan naar ons hotel om wat uit te rusten alvorens aan onze nachtelijke escapades te beginnen.
Tegen tienen opnieuw de stad in, weg alle mensen, slechts een 3-tal horecatenten vertonen enig teken van leven. Daaronder de Club Le Havanna waar we 's-middags al hadden geconstateerd dat de houtwormen deze tent ook wel konden waarderen. Toch maar binnengestapt en ons niet beklaagd. De eigenaar kwam van mijn lievelingseiland La Reunion en zijn vrouw was uit Fez, hun 7-maanden oude baby had 3 maal meer haarvolume dan hoofd, heel apart om te zien. Men vierde er een verjaardagsfeestje, compleet met taart en kaarsjes. Verder toch weinig mensen maar een goede sfeer en muziek. Na 2 planters-punches kregen we de 3e van het huis, toch heel aardig! Na mijn Praag ervaring met aangeboden drankjes was ik echter wat huiverig en bovendien voelde ik me na 2 drankjes al 'vrolijk' genoeg worden. Mijn reisgezel zorgde voor de oplossing van dit probleempje.
Vrij snel overtuigd van de afwezigheid van enig nightlife in Verdun op deze vrijdagavond dan toch maar op tijd naar bed.

Hoewel het al tegen elven loopt als we zaterdagochtend weer op de motor zitten hebben we geen haast en rijden nogmaals via de slagvelden, nu in tegenovergestelde richting. Wat bezielt mensen om oorlog te voeren, machtswaanzin ŕ la Bush!
We zullen later op de dag besluiten of we direct naar huis rijden of nog ergens een avond in BE blijven. Het verstand wint als we na het middageten in Florenville besluiten maar naar 'oost-west thuis-best' te rijden.

Tony.